Open brief Parool 2 augustus 2010.
En weer worden we opgeschrikt door het zoveelste onheilspellende bericht over drugs (Het Parool van 21 juli). Was het een paar weken geleden de Amsterdamse jeugd die er per dag 4 joints doorheen draaien, nu is het weer de beurt aan de Nationale Recherche die de alarmbel luidt. Als gevolg van het ineenstorten van de productie van MDMA (XTC) waarschuwen de Nationale Recherche voor de opkomst van veel gevaarlijke drugs zoals MCPP, 2C-B en methamfetamine (methamf).
Wanneer houdt dit nou eens op dat, steeds meer drug gebruiken, steeds nieuwer en steeds gevaarlijkere op steeds jongere leeftijd, zal de gemiddelde lezer denken. Hoe kunnen we die niets en niemand ontziende drugssyndicaten die hiervoor verantwoordelijk zijn stoppen?
Maar kloppen al die berichten wel? Is de overheid niet zelf een deel van het probleem?
Er klopt veel niet. MCPP is bijvoorbeeld helemaal niet nieuw. Al sinds 1988 duiken dit soort goedkope varianten van XTC op in periodes dat het aanbod van XTC stokt, om even snel weer te verdwijnen zodra het aanbod zich weer herstelt. De fluctuaties in het aanbod van XTC zijn grotendeels het gevolg van de bestrijding. Het is dus de bestrijding die de opkomst van MCPP in de hand werkt.
Bij 2-CB speelt min of meer hetzelfde verhaal. Het is niet het ineenstorten van de xtc-productie, maar het paddoverbod van 1 december 2008 waardoor deze illegale hallucinogene variant van paddo's in beeld is gekomen. 2-CB was al 15 jaar zeer beperkt in omloop, maar door het paddoverbod in populariteit gestegen.
Dat de Nationale Recherche waarschuwt voor de nieuwe dodelijke designerdrug methamf is een gotspe. Dit middel komt uit de reguliere farmaceutische industrie (zoals bijna alle illegale drugs) en wordt al sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw om andere redenen dan de dokter bedoelde gebruikt: als peppil voor vrachtwagenchauffeurs, als doping in de wielrennerij, in de jaren zeventig werd het gebuikt door heroïnejunkies om "sneller hoeslakens uit de Hema te kunnen jatten" en punkers gebruikten methamf als speed begin jaren tachtig.
Door de opkomst in 1988 van de veel lichtere xtc, de aangeboden xtc-testen, de gebruikersgerichte xtc-voorlichting en door het streven Houseparty's veilig te houden is het gebruik van methamf niet verder verspreid in het Nederlandse uitgaanscircuit.
Kortom methamf is dus niet nieuw: het heeft al meer dan 60 jaar geschiedenis in Nederland. Op basis van mijn risicoanalyse over de risico's van methamf sta ik achter de Nationale Recherche "dat de Nederlandse gebruikers van de methamf zullen afblijven." Maar als de Nationale Recherche werkelijk de doorbraak van methamf in Nederland wil voorkomen, moet ze aan zelfreflektie doen. De praktijk leert dat juist landen met war on drugs, zoals de VS en Australië, methamf populair is geworden. Het is de bevestiging dat des te harder de drugs bestreden worden, des te hardere middelen op de markt verschijnen en des te meer die gebruikt worden en daar komt het extra (gezondheids)risico van versneden drugs nog eens bij.
In de jaren negentig zijn binnen de interdepartementale werkgroepen van de betrokken ministeries pogingen ondernomen xtc een milde status te geven in de Opiumwet, zodat een meer pragmatisch beleid mogelijk is, in plaats van de XTC alleen maar te bestrijden.
Bij deze nodig ik de Nationale Recherche uit weer eens om de tafel te gaan zitten.
August de Loor, Adviesburo Drugs
Terug naar het nieuwsoverzicht
