Stuur dit nieuwsbericht door

Comite eerherstel Nederlands gedoogbeleid

Afscheid van een ex-burgemeester van Amsterdam.

Met het overlijden van de ex-burgemeester van Amsterdam, Schelto Patijn is in mijn ogen één van de laatste bestuurders heengegaan die de politieke manoeuvreerbaarheid opzocht, die het gedoogbeleid placht te geven.
Als directeur van het Adviesburo Drugs heb ik, met wisselend succes, veel met Schelto overlegd over het bij traditie complexe Amsterdamse drugsdossier. Zo kon ik hem helaas niet afbrengen van zijn onzalig plan voor een, vanuit overheidswege, georganiseerde gedoogzone voor autoprostitutie (Theemsweg) en de toenemende specialisatie bij de Amsterdamse politie ten koste van de wijkagent.
Daarentegen ging Schelto niet mee met de roep om houseparty's te verbieden. Hij tornde niet aan deze nieuwe vorm van uitgaan zodat ik door kon gaan met de Safe House Campagne, waar het trainen in DrugsEHBO en het testen van xtc onderdelen van waren.
Schelto was een vurig pleitbezorger voor het verstrekken van heroïne aan zwaar verslaafden, een politiek omstreden vorm van hulpverlening die na zijn ambtsperiode is gestart en succesvol blijkt te zijn.


In de vele loftuitingen bij zijn afscheid in de Westerkerk kwam in mijn ogen te weinig naar voren wat Schelto heeft betekend voor het Amsterdamse drugsbeleid. Integendeel, er werd bijvoorbeeld aan Schelto toegedicht als zou hij de helft van de Amsterdamse coffeeshops hebben gesloten. Het was echter zijn voorganger burgemeester van Thijn die aan het begin van de jaren negentig, via op Amerikaanse leest geschoeide grootschalige politieacties, coffeeshops liet sluiten. Het was Schelto die tegen de toen al heersende antipathie tegen de gedoogpolitiek en de negatieve beeldvorming over cannabis en coffeeshops in, een begin maakte met een duurzaam Amsterdams coffeeshopbeleid, waar zijn opvolger Job Cohen verdere invulling aan gegeven heeft.

Coffeeshops, zo betoogde Schelto, spelen naast het succesvolle scheiden tussen de verkoop van- soft- en harddrugs een belangrijke rol als ontmoetingsplaats voor uiteenlopende bezoekers in sociale klasse en etniciteit. In onze multiculturele stad leveren coffeeshops een eigen bijdrage aan wat sinds de moord op Theo van Gogh het beleid van "de boel bij elkaar houden" genoemd wordt. Het is Schelto geweest, door wie het coffeeshopbeleid stevig verankerd is in de Amsterdamse politiek. Deze verankering is hard nodig als je ziet hoe in Rotterdam burgemeester Opstelten met holle retoriek en inspelend op latente angsten makkelijk zijn gemeenteraad "plat" krijgt voor een verbod op coffeeshops nabij scholen.

Het bijzondere van Schelto was dat hij, tegen de algemene afkeer van zelfs zijn eigen PvdA in, een warm voorstander bleef van het gedoogbeleid. Menigmaal trok hij fel van leer tegen de nieuwe generatie bestuurders en politici die hun negatieve beeld van het gedoogbeleid baseerden op incidenten die niets met dit beleid te maken hebben. Zo wees hij op de misvatting als zouden de brand in Volendam en de vuurwerkramp in Enschede te wijten zijn aan het gedoogbeleid. Deze rampen hebben niets te maken met gedogen maar alles met een falend controleapparaat en/of door de overheid bedachte onuitvoerbare regels. Hij wees er steeds weer op dat het gedoogbeleid alleen van toepassing is bij onderwerpen zoals abortus, euthanasie, prostitutie, drugsgebruik en andere sociaalethische kwesties. Bij dergelijke politiek gevoelige onderwerpen binnen een complexe samenleving heeft de overheid bestuurlijke ruimte nodig in haar besluitvorming. Gedogen is het smeermiddel tussen de beperkingen die wetten, regels en internationale verdragen nu eenmaal geven en de dynamiek van de samenleving die om een adequate besluitvorming vraagt.

Met zijn Europese en bestuurlijke ervaring wist Schelto als geen ander dat gedogen zich niet beperkt tot Nederland. In ieder, zelfs dogmatisch geregeerd land wordt gedoogd. Zo is het in menig islamitisch land mogelijk om alcohol te drinken en naar de hoeren te gaan. Dus wat is nou eigenlijk het verschil tussen het alcoholgedoogbeleid in Saoedi-Arabië en het softdruggedoogbeleid in Nederland?
Het zou goed zijn geweest dat al die politici, bestuurders, wetenschappers, architecten, zakenmensen, schrijvers, journalisten, kerkleiders en andere sleutelfiguren van onze stad in de Westerkerk hadden meegekregen dat met het overlijden van Schelto één van de laatste bestuurders is heengegaan die op zijn eigen, fijnbesnaarde wijze de politieke vrijheid opzocht die het gedoogbeleid biedt.
Ik roep een ieder die zich bezig houdt met sociaalethische, maatschappelijk gevoelige onderwerpen op om te blijven zoeken naar creatieve oplossingen, ook als die op gespannen voet staan met de heersende opvattingen, wetten en regels.
De noodzakelijke bewegingsvrijheid voor het zoeken naar dergelijke oplossingen is alleen maar mogelijk met een gedoogbeleid.
Mijn eerbetoon aan Schelto is dan ook het oprichten van een comité: Eerherstel van het Nederlandse gedoogbeleid.

August de Loor

Terug naar het nieuwsoverzicht