Reactie op rapport commissie van de Donk (2)
Amsterdam, 2 juli 2009
Betreft: Rapport van de commissie, onder leiding van voorzitter Wim van de Donk van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).
Geachte leden van de Tweede Kamer,
Bij deze een aantal reacties op wat ik tot nu toe uit de media vernomen heb aangaande het rapport van de Wetenschappelijke Raad (WRR) over de toekomst van het Nederlandse softdrugs- en coffeeshopbeleid. Het spreekt voor zich dat dit een eerste korte reactie is zodra ik het rapport gelezen heb kan ik U een meer diepgaander commentaar geven.
De Wetenschappelijke Raad wil een dam opwerpen tegen grootschalige coffeeshops en dat de kleinere shops een soortement sociëteit worden voor de lokale gebruikers. In bijgevoegde notitie over de voor/achterdeur zet ik hier vele vraagtekens bij en doe in mijn ogen een pragmatisch voorstel hoe de problemen met coffeeshoptoerisme in de randgemeentes van ons land terug gedrongen kunnen worden (n.b. waarom heeft de raad geen onderzoek gedaan naar de vraag waarom er aan de Oostgrens van ons land, tot aan Delfszijl aan toe, nauwelijks problemen zijn met coffeeshoptoerisme vanuit Duitsland. Misschien was dan duidelijk geworden dat het drugstoerisme aan de Zuidgrens hele andere achtergronden heeft dan alleen de aanwezigheid van coffeeshops aldaar).
De Wetenschappelijk Raad wil het scheidingsbeleid tussen soft- en harddrugs opheffen omdat door het hoge THC-gehalte nederwiet niet meer als een softdrug beschouwd kan worden. In bijgevoegde notitie over de voor- en achterdeur van coffeeshops (en eerdere notities van het Adviesburo zie www.adviesburodrugs.nl) zet ik vanuit historisch perspectief vele vraagtekens bij deze gedachtegang.
De Wetenschappelijke Raad stelt zichzelf de vraag of Nederland wel door moet gaan met het gedoogbeleid waarbij verwezen wordt naar de zorgwekkende ontwikkelingen in de kweek van Nederwiet. Hiermee suggereert de Raad dat de kweek van nederwiet een uitvloeisel is van het gedoogbeleid van coffeeshops. Deze veronderstelling zou nog enige logica bevatten ware het niet dat in alle Europese landen wiet gekweekt wordt (zowel amateuristisch als professioneel) en er daar, zover mijn informatie reikt, geen gedoogde coffeeshops bestaan. Maar als de Wetenschappelijke Raad veronderstelt dat de kweek van nederwiet onder het gedoogbeleid valt, hebben ze het eveneens mis. In bijgevoegd artikel uit Het Parool wordt duidelijk dat vanaf de opkomst van wietkwekerijen (± 1992) nooit een gedoog- maar een repressief beleid op gang kwam met recent de oprichting van Nationale Taskforce van politie/justitie met verregaande bevoegdheden, van het oprollen van kwekerijen. De geschiedenis leert toch dat bestrijding alleen maar tot een verscherping van de criminalisering leidt!
Met deze eerste korte reactie wil ik niet suggereren dat het gedoogbeleid van cannabis en coffeeshops geen problemen kent. Deze zijn echter grotendeels anders van aard en verlangt dus een andere plan van aanpak dan de Wetenschappelijke Raad adviseert.
Met vriendelijke groet,
August de Loor
